Veilig varen

Veilig en plezierig varen

 

Vaarregels en tips
Met een kano ben je kwetsbaar. Houd daarom rekening met het andere vaarverkeer en met slecht weer.
Onderstaande regels, verzoeken adviezen en tips zijn samengesteld door het Gewest West van de Nederlandse Kano Bond (NKB), wij van de Kanovereniging Westerwolde zien hier een goede leidraad in.
Vaarregels
Op het water, in sloten, vaarten en kanalen, altijd rechts (= stuurboord wal) houden.
Op groot water zoveel mogelijk buiten de eventuele vaargeulen blijven.
Houd rekening met andere watersporters, laat tijdig en duidelijk zien wat je van plan bent en geef zoveel mogelijk voorrang.
Laat vissers, fuiken, visnetten e.d. met rust en passeer ze op ruime afstand.
Als je gaat kanovaren moet je kunnen zwemmen, een zwemvest is verplicht, tenzij vooraf anders is afgesproken.
Ga nooit alleen varen en meld thuis waar je gaat varen.
Zorg voor voldoende drijfvermogen in de kano (drijflichamen/luchtzakken/zeekano met compartimenten)
Op groter water, zeker bij lagere temperaturen, zoveel mogelijk binnen zwembereik van de oever blijven.
Bij koud weer is neopreen kleding  (of droogpak) en zwemvest verplicht, naast een set reservekleding, waterdicht verpakt in de boot). Droge gewone warme kleding, in de auto, voor de terugkomst.
Blijf op veilige afstand van stuwen en waterinlaten.
Ga bij onweer direct van het water af.
Zorg voor correct groepsgedrag, let op elkaar en houdt rekening met elkaar.
Wanneer er bijvoorbeeld gesleept dient te worden, volgt men de aanwijzingen van de tochtleider op, bijvoorbeeld door in de afgesproken formatie te varen.
Vriendelijke verzoeken
Gedraag je als gast en bewaar de rust.
Ga alleen het land op bij daarvoor bestemde en aangegeven plaatsen.
Verstoor de vogels en hun nesten niet.
Pluk of vernietig geen planten op de oevers of in het water. Vele zijn beschermde soorten.
Vaar niet in rietkragen.
Laat vee met rust en voeder de dieren niet.
Vanzelfsprekend neemt je, je eigen afval mee en deponeert dat in de daarvoor bestemde bakken.
Laat muskusratten vallen met rust.
Adviezen en tips
Bij de bepaling van de duur van de tocht kun je uitgaan van een gemiddelde vaarsnelheid van 5-7 km per uur voor de geoefende kanovaarder en 3-4 km per uur voor de beginnende vaarder.
Denk ook aan de noodzakelijke pauzes.
De geoefende kanovaarder kan 20 tot 30 km per dag varen en de ongeoefende vaarder zal ca. 10 km per dag varen
Zorg voor een goede waterkaart (ANWB 1:50.000); deze is nodig bij de tochtvoorbereiding en tijdens de tocht om de weg te vinden en alternatieven te zoeken in het geval dat wind en golven problemen gaan geven.
Stel je altijd op de hoogte van de weerberichten, zeker t.a.v. wind en onweer
Op sommige vaarwateren is er meer risico vanwege drukke scheepvaart. Beginners moeten extra voorzichtig zijn of deze wateren mijden.
Neem altijd reservekleding mee, mocht je omvallen en eventueel nog een extra set in de auto.
Ook je auto- en huissleutels, fototoestel, portemonnee en belangrijke papieren moet je waterdicht verpakken.
Ten aanzien van sluizen:
o   Bij veel sluizen kan er ook overgedragen worden.
o   Bij omhoog-schutten: blijf liggen in de buurt van de sluisdeur waardoor je bent binnengevaren, houd de kant en elkaar          goed vast.
Bij zelfbediening het water beheerst laten binnenstromen. Indien een sluiswachter aanwezig is, kun je hem vragen
    rekening te houden met kanovaarders, wat overigens meestal al gebeurt.
o  Bij omlaag-schutten: blijf ook nu liggen bij de deur waardoor je bent binnengevaren en houd elkaar en de kant goed vast.
    Het zakkende water geeft in het algemeen weinig problemen.
    In kroosvelden, vaar dicht bij elkaar.