Vaarreglement Zeetocht !

Reglement varen op zee, Kanovereniging Westerwolde                       

 

Deelnemers

Materiaal (zie ook pagina varen met de KWV)

Verplicht:

  • Zeekano voorzien van:  toggles en grijplijnen en waterdichte compartimenten.
  • Geschikte kleding : Lang of kort neopreen kleding (long John), afhankelijk van de weersomstandigheden en de watertemperatuur droogpak, waterdichte anorak, neopreenschoenen.
  • Droge reserve kleding in de boot.
  • Zwemvest met voldoende drijfvermogen (en bij voorkeur met opbergzakken).
  • Petje, muts of hoedje.
  • Goed afsluitend spatzeil.
  • Drinken binnen handbereik en warm drinken in de boot voor in de pauze.
  • Eten in de boot en noodeten (mueslireep oid) in je zwemvest of in elk geval binnen handbereik|
  • Geld

Aan te raden: 

  • Zonnebrand
  • Reserve peddel


In elk geval heeft de tochtleider het volgende:

  •   Vaarplan, kaart, kompas, indien mogelijk GPS 
  •    Alarmnummers  en mobile telefoon  / marifoon 
  •    EHBO set
  •    Reparatie setje (Tape)    
  •    Noodsignaal (vuurpijl, handstakel )
  •    Reserve peddel

 

Vaardigheid

Verplicht:       

  • Vaardig zijn in redden en gered worden bij omslaan.
  • Kunnen slepen of gesleept worden en het bijbehorende groepsgedrag vertonen.
  • Het beheersen van de lage steun, achterstevenroer en natuurlijk de voorwaartse slag.
  • Ten minste 1 heel kalenderjaar kano-ervaring met veel kanokilometers en ruime reddings-kennis en ervaring.
  • Een basis vaarconditie:  2-3 uur onophoudelijk te kunnen peddelen (alleen met drijfpauzes)
  • Een tocht kunnen varen met een minimale lengte van 25 km bij windkracht 3 en een gemiddelde vaarsnelheid van minimaal 5,5 km per uur met maar 1 pauze onderweg.
  • Op Oldambtmeer geoefend met varen op de golven met windkracht > bft 4-5. Hierbij de kano zonder skeg
    op koers kunnen houden.
    Ten minste 3 tochten op groter water (zoals Friese meren) gevaren hebben onder diverse omstandigheden onder andere met wind > bft 3-4.

Aan te raden: kunnen eskimoteren

 

Tochtleider en hulptochtleider

Materiaal

Verplicht:       

  • Kompas (bij voorkeur ook stuurkompas) bij voorkeur GPS.
  • Recente zeekaart
  • Vaarplan             
  • Sleeplijn
  • Reserve peddel
  • EHBO
  • Noodsignaal
  • Mobieltelefoon / marifoon met verplicht certificaat
  • Reparatie setje 

Vaardigheid

Verplicht:       

  • Men is in staat een groep aan te sturen
  • Men is in staat een redding te begeleiden en een “all-in” redding uit te voeren.
  • Er is ruim voldoende zee-kano ervaring.

Aan te raden:

  • Cursus navigeren (en aanvullende Zeekano training);
  •  Marifoon certificaat (er moet minimaal 1 persoon mee zijn met dit certificaat)

Tocht organisatie

Weersomstandigheden:

Tochten op (wadden)zee en groot open water vinden plaats als de windkracht en voorspelling 3 Bft en/of lager is.

Zeer gevorderde zeekanovaarders mogen met meer wind varen. Echter bij een wind met 6 Bft of meer gaat de tocht sowieso niet door.

Bij mist en onweers-verwachting wordt niet uitgevaren

 

Deelnemers

De tochtleider beslist (bij inschrijving) of een deelnemer geschikt is om mee te gaan. 

Als bij de aanvang van de tocht blijkt dat een deelnemer niet mee kan zal gezamenlijk een alternatieve tocht worden gevaren.
Als dit al duidelijk is de dag voor de tocht kan gekeken worden wie er wel mee kunnen of dat er een alternatieve tocht gevaren kan worden.

De tochtleider is verantwoordelijk voor de tocht en beslist over al dan niet varen.

De tochtleider en hulptochtleider zijn op de hoogte van noodzakelijke informatie van de deelnemers die voor de tocht van belang is (b.v. medische achtergrond).

Deelname aan de tocht is op eigen risico. 

 

Organisatie vooraf:

De tochtleider regelt de inschrijving en goede informatie over de te varen tocht (duur, afstand, belasting, etc.) zodat deelnemers een goede inschatting kunnen maken. 

De deelnemers regelen zelf hun materiaal.

Afmelden voor de tocht gebeurd bij de tochtleider.

De tochtleider verspreidt het vaarplan en het evt. noodzakelijke kaartmateriaal onder alle deelnemers.

Als men niet op tijd aanwezig is wordt (vanwege het tij) niet gewacht.

Voor afvaart vindt een materiaalcheck plaats. Als het materiaal niet op orde is kan men niet mee.

Voor afvaart worden alle deelnemers op de hoogte gebracht van de laatste noodzakelijke informatie (weerbericht, etc.).

De tocht wordt aangemeld bij kustwacht.

 

Organisatie tijdens het varen:

De tochtleider heeft de leiding en vaart min of meer achterin om het overzicht te houden

Tevens kiest de tochtleider, indien de groep groot genoeg is, twee achtervaarders die elkaars buddy vormen en 1 voorvaarder.

De groep blijft bij elkaar (let op (weersafhankelijk) de juiste geschikte bootafstand). 

De tweede vaarleider fungeert als een soort vliegende keep in nauwe samenwerking met de eerste tochtleider.

De vaarders volgen de aanwijzingen van de tochtleider op.

De tocht wordt altijd met te noemen aantal kajakkers, aan en afgemeld bij de kustwacht

De vaarders houden rekening met de natuur, wat men meeneemt op de tocht gaat mee terug naar huis. Afval wordt meegenomen en gedeponeerd op daarvoor bestemde plekken.

 

Na de tocht:

Er wordt geëvalueerd hoe de tocht verliep.

Er wordt op toe gezien dat (verenigings)materiaal netjes en volledig ontdaan van zout wordt opgeborgen (denk ook aan spatzeil, zwemvest et cetera en binnenzijde van de boot).